Detectie van energie-intensieve apparaten ten behoeve van flexoplossingen (DEIA)
Dit ontwerp beschrijft het beoogde gebruiksscenario voor het dataproduct DEIA (Detectie van Energie-Intensieve Apparaten ten behoeve flexoplossingen), alsmede haar achterliggende architectuur en de gemaakte keuzes.
|
Voor alle data-uitwisseling binnen de scope van de Visie Datadelen is expliciet gekozen voor het denken over data in de vorm van dataproducten. Een dataproduct combineert de semantische-, technische- en gebruiksaspecten van data-uitwisseling. Om dit invulling te geven bestaat een dataproduct uit de volgende componenten:
Het dataproduct combineert de dataset en dataservice, verrijkt met voorwaarden voor gebruik. |
Reikwijdte
Zonnepanelen (PV), thuislaadpunten (EV), warmtepompen (WP, ook wel afgekort tot HP (heat pumps)) en thuisbatterijen (BESS, Battery Energy Storage System) zijn energie-intensieve apparaten. Zowel netbeheerders als andere partijen (derden) willen graag weten waar zij zich bevinden en hoe energie-intensief zij zijn. Data Scientist teams bij de drie grote netbeheerders werken samen om statistische modellen te maken die dit inzicht kunnen geven.
De epic bestaat uit drie fasen, een pilot fase, een landelijke fase en een data deel fase. Het dataproduct DEIA wordt alleen in de fase data delen gebruikt.
Pilot fase
In de pilot fase wordt een jaar lang de verbruiksdata van de slimme meters van 620 vrijwilligers gebruikt om het statistische model te ontwikkelen en te trainen. Dit model is géén dataproduct.
Landelijke fase
In de landelijke fase wordt het statistische model landelijk toegepast op alle aansluitingen waarvoor de use case is goedgekeurd. Het betreft dan niet alleen maar slimme meter data. Deze fase resulteert in een tabel met voor elk energie-intensief apparaat (PV, EV, WP, BESS) het geschatte vermogen (in kiloWatt piek (kW(p))) met een bijbehorende betrouwbaarheid (Confidence Level in procenten). Deze tabel wordt periodiek bijgewerkt. Zij is per aansluiting en kan geaggregeerd worden tot middenspanningsruimte (MS/LS-trafo) of tot postcode 6-niveau niveau en tot gebiedsniveau. Formeel zijn dit geen dataproducten omdat ze worden uitgewisseld tussen netbeheerders onderling.
PowerTransformer |
DeviceKind |
ConfidenceLevel (%) |
PeakPower (kW(p)) |
123 |
BESS |
95 |
123 |
123 |
PV |
97 |
150 |
127 |
HP |
65 |
77 |
123 |
PV |
99 |
60 |
Data deel fase
In de data deel fase wordt het statistische model uit de landelijke fase gebruikt om het uniforme overzicht te ontsluiten naar derden.
De data bestaat uit kwartierwarden van 10 dagen per kwartaal. PV- en BESS-data is invoedingsdata en mogen op aansluitniveau gedeeld worden. WP- en EV-data zijn afnamedata en mogen niet op aansluitniveau gedeeeld worden.
Functionele eisen
Het dataproduct moet voldoen aan functionele eisen; deze vertellen wie ("Als rol") welke data ("Wil ik") nodig heeft en waarom ("Want"). Deze functionele eisen zijn alleen van toepassing op de fase data delen. Dat komt doordat dat de enige fase is met een dataproduct.
| ID | Als rol | Wil ik | Want |
|---|---|---|---|
1 |
Vervallen |
- |
- |
2 |
Vervallen |
- |
- |
3 |
Vervallen |
- |
- |
4 |
Vervallen |
- |
- |
5 |
Opgesplitst |
- |
- |
6 |
Derde |
Een uniform overzicht van de aanwezigheid en het geschatte piekvermogen, met een Confidence Level, van energie-intensieve apparaten (PV, EV, WP en BESS) achter een transformator, geaggregeerd op PC6 |
|
7 |
Derde |
Een uniform overzicht van de aanwezigheid en het geschatte piekvermogen, met een Confidence Level, van energie-intensieve apparaten (PV, EV, WP en BESS) achter een transformator, geaggregeerd op transformator |
Als flexaanbieder wil ik gebruikers van energie-intensieve apparaten een flexpropositie kunnen doen. |
Dataservice
Gebruiksscenario - Centraal dataproduct
In de data delen fase is er gekozen voor een centraal scenario waarbij de aangeslotene toestemming verleent aan een flexaanbieder om een flexpropositie te doen.
-
Een derde haalt een uniform overzicht op bij het dataportaal.
Dataset
Volume, variety, veracity, velocity
|
Data kent vier kenmerken:
|
Voorwaarden
Dit dataproduct wordt als gesloten dataproduct aangeboden, onder de grondslag Grondslag Toestemming. De grondslag is vereist omdat een derde de aanvraag doet.
Beslissingen en aannames
| ID | Type | Beschrijving |
|---|---|---|
1 |
Beslissing |
De Data Scientist teams verrijken de kwartierwaarden met locatiegegevens (PC6 en MS/LS-trafo) |
2 |
Aanname |
De Data Scientist teams verrijken de kwartierwaarden met
|
3 |
Aanname |
De uniforme overzichten worden periodiek bijgewerkt |
4 |
Aanname |
In het centrale gebruikersscenario worden de uniforme overzichten ontsloten door het dataportaal (Installatieregister). |
5 |
Aanname |
In de data delen fase is alle landelijke data beschikbaar. Zowel de data van Alliander, Enexis en Stedin, als de data van Coteq, Rendo en Westland Infra. |
6 |
Aanname |
In de data deel fase zal het statistische model hertraind moeten worden. Zowel periodiek als incidenteel, bijvoorbeeld met de komst van nieuwe relevante energie-intensieve apparaten. |
7 |
Aanname |
In de data deel fase moet de parameter waarover geaggregeerd worden voor de aanvrager (derde) een herkenbare en bruikbare waarde zijn. Het is dus geen interne (RNB-specifieke) waarde. |
8 |
Aanname |
In de data deel fase wordt de data op transformator (MS/LS) geaggregeerd. Dus niet op PC6 en ook niet op gebied. |
9 |
Aanname |
In de data deel fase worden de dataproducten centraal (op één URLendpoint aangeboden). Dus niet fedratief via zes URLs (één per nebeheerder). |
10 |
Aanname |
Het is mogelijk om een dataset, als onderdeel van de dataservice, gefilterd te verstrekken. |
11 |
Aaname |
In de data deel fase wordt gekozen voor een open dataproduct. Dit houdt in dat er in dit ontwerp geen rekening wordt gehouden met alle faciliteiten die nodig zijn om een gesloten dataproduct te ontsluiten. NB: Er is een positief advies van GEMS vereist om deze beslissing definitief te nemen. |
12 |
Aanname |
Aan het einde van fase 2 is er één statistisch model dat alle zeven netbeheerders kunnen gebruiken op hun eigen data wanneer zij de juiste tooling hebben. |
13 |
Aanname |
De uitkomsten van het draaien van het statistische model dat aan het einde van fase 2 wordt opgeleverd is interoperabel; lees de datasets sluiten aan. |
14 |
Aanname |
Het statistische model wordt periodiek (driemaandelijks) gedraaid op de data van alle netbeheerders. |
15 |
Aaname |
CERES/Installatieregister wordt de centrale opslagplek. En CERES/Installatieregister kan gebruik maken van een autorisatie en authenticatie platform. |